Previous Next
8
Schuiven en glijden
















Balanceren, vallen en glijden

Klaarzetten (per tweetal)
• 4 pylonen
• 4 doekjes
• 1 groot badlaken of doek

Opdracht
A. Stap met elke voet op een doekje en leg glijdend het parcours af.
B. Het ene kind zit op het badlaken en de ander trekt het badlaken voort.

Regels
• Wissel halverwege met badlaken trekken
• Breng materialen terug naar het beginpunt.

Ben je buiten?
Zoek een zachte grasstrook en gebruik een badhanddoek (B).



pijltje



Makkelijker maken

Helpen met trekken (B)

Afstand verkleinen tussen pylonen (A)


Moeilijker maken

Meer richtingsveranderingen parcours (A)

Zittend met voeten in de lucht (B)


Variaties

Pittenzakje of bal op tennisracket meenemen (A)

Ballon zittend hooghouden (B)