Previous Next
7
Voorover en achterover vallen
















Balanceren, vallen en glijden

Klaarzetten (per kind)
• 1 mat

Opdracht achterover
A. Ga liggen op je rug, kijk door je knieën en sla met gestrekte armen hard op de mat.
B. Maak je rug rond, sla je armen om je knieën, schommel naar voor en achter en sla met gestrekte armen op de mat.
C. Ga op je buik liggen, plaats je handen onder je hoofd, duw jezelf met beide armen omhoog en val weer terug.
D. Ga op je knieën zitten, plaats je handen op je knieën, duik naar voren en vang jezelf met je handen op.

Regels
• Als je iets niet durft, vraag om hulp

Ben je buiten?
Gebruik een zachte grasstrook of deken.



pijltje



Makkelijker maken

Laat kinderen elkaar helpen

Ondersteun bij schommelen en vallen (B, C, D)


Moeilijker maken

Op billen zitten (A)

Vanuit hurkzit (D)


Variaties

Zittend uitvoeren en bal weggooien (A, B)

Op dikke mat (D)